Actualiteiten

Kunstbiest met afweerstoffen tegen Q-fever
Bij bloedonderzoek van jonge pasgeboren bokjes bleek dat deze dieren al afweerstoffen hadden tegen Q-fever. De meest waarschijnlijke oorzaak leek dat deze dieren toch biest bij de eigen moeder hadden gedronken. Om de kunstbiest als andere mogelijke oorzaak uit te sluiten is de kunstbiest onderzocht en daarbij bleek de biest positief op afweerstoffen tegen Q-fever. Ook is onderzocht of er bacteriemateriaal in de biest zat. De PCR op dit ene monster bleek negatief te zijn. In eerste instantie is er geen vervolg gekomen op ons voorstel om de kunstbiest nader te analyseren op het voorkomen van Coxiella burnetii bacteriemateriaal en afweerstoffen. Inmiddels is er een aantal biestmonsters getest en is een afspraak gemaakt voor vervolgoverleg met de producent van de kunstbiest.

Hersenvliesontsteking ten gevolge van listeriose
Een aantal melkgeiten- en schapenbedrijven heeft melding gemaakt van sterfte ten gevolge van hersenvliesontsteking veroorzaakt door listeriose. Na verandering van rantsoen bleven de problemen spelen. Na behandeling met antibiotica van het gehele koppel stopten na enige tijd de problemen. Er lijkt dit jaar sprake van een toename in het aantal problemen met listeriose.

Verdenking sterfte door Micotil®
Recent zijn er twee dieren ter sectie aangeboden die waren gestorven na een behandeling met Micotil®. De praktiserend dierenarts had bij een particulier vier dieren behandeld volgens de bijsluiter met Micotil® ter bestrijding van rotkreupel. Twee dieren werden daags na de behandeling dood aangetroffen en bij sectie bleek dat de dieren waren gestorven ten gevolge van een circulatiestoornis. Dit is mogelijk te wijten aan de behandeling met Micotil®. De dierenarts is erop gewezen dit te melden bij het BRD.

Verdikte lymfeknopen bij slachtlammeren gemeld door nVWA
In het najaar van 2010 is melding gemaakt door de nVWA van verdikte lymfeknopen in een koppel lammeren. Deze lymfeknopen zijn ter sectie aangeboden en het bleek geen CL te betreffen.

Abortus
Dit voorjaar is een tweetal melkgeitenbedrijven bezocht waar zich massale abortusproblemen voor hebben gedaan. Op beide bedrijven is tot op heden geen diagnose gesteld. Momenteel wordt er gekeken of er op basis van literatuur bepaalde aanvullende onderzoeken uitgevoerd moeten worden. Overigens is het niet zeker of het om een besmettelijke vorm van verwerpen gaat, ondanks de hoge aantallen abortusgevallen.

Kopervergiftiging bij schapen
De diagnose kopervergiftiging is in de afgelopen maanden enkele malen gesteld bij sectie. Na een gesprek met de veehouder bleek in de meeste gevallen de oorzaak te kunnen worden achterhaald. De meest voorkomende oorzaak is het voeren van rundveebrok. Rundveebrok bevat een hoger kopergehalte dan schapenbrok. Het blijkt dat schapenhouders regelmatig rundveebrok aan schapen voeren vanwege de lagere kosten van rundveebrok ten opzichte van schapenbrok. Een andere achterhaalde oorzaak van kopervergiftiging was het verstrekken van rundveemineralen. 
 
Baarmoederontsteking ten gevolge van Clostridium sordellii bij schapen
Op een slachtlamproductiebedrijf met zowel Texelaars als Swifters werd sterfte gemeld bij de Swifters in de dagen na het aflammeren. In korte tijd stierven ongeveer 20 Swifters en bij sectie werd een baarmoederontsteking ten gevolge van Clostridium sordellii aangetoond. Door de praktiserend dierenarts is gemeld dat twee stagiares na een stage op dit schapenbedrijf zijn opgenomen in het ziekenhuis. Hierop is door ons contact opgenomen met de behandelend internist in het betreffende ziekenhuis. Hij heeft aangegeven dat infectie met de bij de schapen aangetroffen kiem niet waarschijnlijk is bij zijn patiënten.
Uit literatuuronderzoek blijkt dat bij vrouwen zeer ernstige complicaties zijn beschreven na infectie met C. sordellii. Problemen met deze kiem zijn beschreven na een miskraam, een abortus of een chirurgische ingreep.

Baarmoederontsteking ten gevolge van Clostridium spp. bij melkgeiten
Sterfte aan baarmoederonsteking ten gevolge van Clostridium spp. is reeds eerder aan de begeleidingscommissie gemeld. De baarmoederproblemen worden alleen gezien bij oudere melkgeiten op bedrijven waar niet wordt gevaccineerd tegen Clostridium spp of met een voor deze infectie ongeschikt vaccin. De ziekte treedt binnen 48 uur na het aflammeren op. De gemelde sterftepercentages onder aflammerende dieren kunnen oplopen tot 15-20%. De behandeling van zieke geiten slaat zelden aan en vanwege wachttijden wordt bovendien niet altijd het meest geschikte antibioticum gebruikt. De aandoening kan waarschijnlijk in bijna alle gevallen worden voorkomen door geiten te vaccineren tegen Clostridium spp. Het is belangrijk om wel het juiste vaccin te gebruiken. Het is niet duidelijk of bijvoorbeeld melkziekte of slepende melkziekte het optreden bevorderen.

Haemonchus contortus (rode lebmaagworm)
Het lijkt erop dat 2011 een jaar wordt waarin de rode lebmaagworm opnieuw voor grote problemen bij schapen en geiten zorgt. Het percentage ter sectie aangeboden kleine herkauwers dat gestorven is aan haemonchose is aanzienlijk. Ook in de telefoondiensten worden veel vragen gesteld over haemonchose en sterfte bij schapen en geiten waarbij haemonchose wordt vermoed. In het merendeel van de gevallen betreft het lammeren, maar ook bij volwassen dieren leidt haemonchose tot problemen. Het vaker voorkomen van klinische haemonchose komt mogelijk aan de ene kant door voor de parasiet gunstige weersomstandigheden in 2011. Daarnaast zou resistentie tegen bepaalde groepen endoparasitica een rol kunnen spelen. Resistentie tegen de groep van benzimidazolen is al jaren bekend. Het voorkomen van resistentie tegen middelen uit de groep van avermectinen, met uitzondering van moxidectine, werd in 2010 gepubliceerd in het Tijdschrift voor Diergeneeskunde. Daarnaast blijkt dat er nog steeds vaak ondergedoseerd wordt, de verkeerde middelen worden gebruikt en dat er weinig managementmaatregelen worden genomen om worminfecties te voorkomen of te beperken. Helaas worden de symptomen van de aandoening ook niet altijd herkend: bleke slijmvliezen, vermageren, dorre vacht en sterfte. Een belangrijk misverstand blijft dat haemonchose juist niet gepaard gaat met diarree.

Nierafwijking bij Zwartbles schapen
In het internationale signaleringsoverleg met het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland is melding gemaakt van het voorkomen van nierproblemen bij Zwartblessen ten gevolge van oxalaat-kristallen. Mogelijk zou een erfelijke gevoeligheid voor deze nierproblemen een rol spelen. Na deze melding is besloten om in Nederland de ter sectie aangeboden Zwartblessen te monitoren op het voorkomen van deze aandoening. De aandoening is inmiddels in Nederland bij twee Zwartbleslammeren van verschillende bedrijven vastgesteld. Bij navraag bleek dat op een van deze twee bedrijven afgelopen jaar de lammersterfte aanzienlijk hoger was dan in voorgaande jaren. Aangezien het op dit bedrijf om relatief kleine aantallen dieren gaat is het moeilijk om achteraf nog een verband te kunnen leggen, maar komend jaar zal het lammerseizoen op dat bedrijf worden gevolgd.
Het probleem aangaande de nierafwijking zal in samenwerking met het Verenigd Koninkrijk nader worden bekeken.

Huidproblemen bij Zwartbles schapen
Reeds in 2005 is melding gemaakt van een huidprobleem bij Zwartbles schapen. Bij de aandoening wordt een schilferige huid, die bijna perkamentachtig kan worden, waargenomen aan met name de kop, de buik, de poten en rondom de anus. De aangedane dieren hebben aanzienlijke jeuk. De problemen lijken zich alleen voor te doen in de zomermaanden. Destijds waren er meestal maar enkele klinisch aangedane dieren per bedrijf. In de afgelopen maand is een bedrijf bezocht waar zich bij alle fokooien problemen met deze huidaandoening voordeden. Het bedrijf is bezocht en er zijn wolmonsters en huidbiopten genomen. Daarnaast is er een tweetal ooien naar de Faculteit Diergeneeskunde gebracht voor aanvullend onderzoek. Tot op heden is de achtergrond van deze huidaandoening niet opgehelderd. De aandoening lijkt enige gelijkenis te hebben met staart- en maneneczeem bij paarden. De laatste aandoening berust op een overgevoeligheidsreactie voor bepaalde Culicoides species.

Vaccinatie Q-fever
Er is in de afgelopen maanden enkele malen melding gedaan van bijwerkingen ten gevolge van de Q-fever vaccinatie op melkgeitenbedrijven. De bijwerkingen betroffen productieverlies, zichzelf droogzetten, koorts en verminderde voeropname. Er is geadviseerd om deze meldingen door te geven aan het Bureau Registratie Diergeneesmiddelen. In 2009 heeft GD, in opdracht van het ministerie van EL&I, onderzoek gedaan naar bijwerkingen van de vaccinatie tegen Q-fever. Destijds werden de genoemde bijwerkingen al gezien, maar waren toen minder ernstig dan gesuggereerd.
Er worden ook veel vragen gesteld over het nut van de Q-fever vaccinatie bij geiten met een fokverbod voor het leven en voor de duurmelkers op een bedrijf.

Actualiteiten op het gebied van dierziekten in de wereld

  • MKZ: Bulgarije, Zambia, Taiwan, Israël, Botswana, Bahrein, Zimbabwe, Noord- en Zuid-Korea, China, Rusland
  • Brucellose: België, USA
  • RVF: Mauritanië
  • PPR: Tanzania, Irak, Algerije, Tunesië
  • West Nile: Spanje, Griekenland
  • Anthrax: USA, GB, Peru, Bangladesh
  • BTV-4: Spanje
  • BTV-16: Turkije
  • Schapen- en geitenpokken: Rusland, Israël
  • Scrapie: Noorwegen, Japan
  • Q-fever: Australië, Duitsland, USA